van veel wat

Hello!

Wees welkom op deze pagina. Hij is nog jong, hij is nog fris. Maar we gaan er keihard tegen aan! 


dinsdag 8 februari 2011

Antwerpse kliekjesgevoel

Het valt me op dat je op bepaalde voorstellingen, optredens, feestjes altijd dezelfde mensen tegenkomt. Als je weet wie er wat organiseert kan je al voorspellen wie er aanwezig zullen zijn. Op het feestje van Vital kwam ik iemand tegen die ik al lang niet meer had gezien en hij vroeg me: "En hoe voelt het om tussen de Antwerpse culturele elite te staan?" Ik schrok want daar was ik me totaal niet bewust van. En vrijdag was het weer feest met dezelfde mensen ter ere van de verjaardag en nieuwe dichtbundel van Stijn Vranken. Bijna iedereen was er, zo voorspelbaar.
Wie zitten er allemaal in dat wereldje? Acteurs, muzikanten, kunstenaars, schrijvers en journalisten. En zij die in culturele huizen werken. En zij die in cafés werken waar 'het wereldje' komt. Je vindt er ook nog andere lui maar zij vormen wel de hoofdbrok.
En het is waar: iedereen kent iedereen. Als je op zulke feestjes komt moet je constant iedereen begroeten, wich is nice.
Van tijd tot tijd lees ik wel eens dat Antwerpen uit kliekjes bestaat en het moeilijk is om in zo'n kliekje te komen. Dat laatste weet ik zo nog niet maar wat de kliekjes betreft, is zo: zo heb je het fashion kliekje. Ze treffen elkaar in de coole hippe winkels die volstaan met mode van (Antwerpse) designers en ze nodigen elkaar uit op redelijk exclusieve feestjes waar je niet zomaar binnenraakt. Twee keer ben ik op zo'n fashionfeestje geweest en het is best wel raar om op die plek te staan terwijl je weet dat niet zomaar iedereen binnen mag. Als je zo'n uitnodiging hebt weet je al op voorhand wie er zal komen.
Het kliekje van de beroemde Antwerpse ontwerpers en de beroemde Antwerpse winkels, fotografen, architecten, modellen en hun kinderen ken ik slechts gedeeltelijk maar ik kan je wel vertellen dat we vroeger vaak in een bepaald Antwerps restaurant kwamen en daar zag je werkelijk iedereen bijna wekelijks. Een greepje: Ghislaine Nuytten zat er aan tafel met Walter Van Beierendock en vriend, Dries Van Noten en vriend, Ann DeMeulemeester met man en kind en nog vele anderen. In het mode-/architectenwereldje kent iedereen gewoon elkaar en als je wat mensen leert kennen vertellen ze je dat ze op een privéfeestje van Dries Van Noten zijn geweest want da's een goeie vriend van hen. Omdat ik hen een beetje gedeeltelijk ken werd ik es tweemaal uitgenodigd op die fashionfeestjes waarover ik het al heb gehad. En dan loopt het er vol hippe fashionpeople.
Dan heb je het culturele kliekje: ook daar kent iedereen elkaar. Het loopt zo'n beetje door elkaar van underground artiesten tot mensen met een eigen Wikipedia page en/of die wel es in de media verschijnen tot zij die echt heel beroemd zijn. In dat soort kringen worden de wildste feestjes gegeven. Maar iedereen is discreet over wat anderen doen, ik zou zoiets nooit op m'n blog schrijven. Iedereen heeft recht op zijn/haar privéleven.
Je hebt ook het hippe feestjes/cafeetjes/eetgelegenheden kliekje: underground zijn ze niet meer: veelal bestaat het uit mensen die min of meer redelijk beroemd zijn en/of beroemde ouders hebben en/of gewoon heel veel geld hebben. Ze zitten in de media, zijn dj, belangrijk in de 'betere' uitgaanswereld of werken in hippe zaken. Voor sommigen komen ze ietwat intimiderend over omdat ze er werkelijk heel hip uitzien maar eigenlijk zijn ze net heel aardig.
Het Hopperkliekje: voor alle duidelijkheid: bovenstaande kliekjes tref je bijna allemaal es aan in de Hopper of de ChatLeRoi maar het Hopperkliekje is toch wel bijzonder. Voor anderen zijn ze net zo intimiderend als het bovenstaande kliekje en eigenlijk zijn ze ook net zo aardig. Er was een tijd dat Jan De Corte er elke dag kwam met zijn vrouw, Sigrid Vincks, en op den duur groet hij je gewoon en knoop je een gesprek aan met z'n vrouw, de hele lieve Sigrid Vincks. Om maar een voorbeeld te noemen. Op het privéfeestje na Zuiderzinnen zag je er ook de hele Hopper aanwezig en ja, dat was een superleuk feestje.
Zo dit zijn de Antwerpse kliekjes die ik min of meer ken. Je hebt vast ook wel een autokliekje, en een Vlaamse babes kliekje.



maandag 7 februari 2011

Molly Baeken

Wat te denken van het volgende bericht? Jawel, de kleine Molly is gearriveerd. Vital en Luv hebben na het behalen van het rijbewijs, na de veertigste verjaardag, na de officiële inhuldiging als nachtburgemeester, na de première van de nieuwe monoloog nu nog iets te vieren: Molly!

Het nieuws ook op VT4.





muziek bloggen

Sommige mensen heb ik aangetrokken op m'n blog omwille van de muziek en vervolgens ga ik geen muziek meer posten. Stom. Voor hen en ook voor mij. Deze post is en lijkt een wirwar. Het verhaal:

Ik weet bijna niet anders dan dat ik bezeten was door muziek en gedurende m'n tienerjaren kregen we cd's vol met oude muziek als Raindrops Keep Falling On My Head. Geweldig en oud. Dit liedje was er ook bij.


Zij hadden zo'n grote hit met Teardrops. Terecht. Maar dit nummer is ook zo geweldig.


Gevoelig nummer: ik zat als klein kindje in de bioscoop en werd geraakt door dit nummer. Vervolgens ben ik het nooit vergeten en dankzij het internet mag ik dit delen.



zondag 6 februari 2011

Katie deelt tips uit over jeugdboeken

Ik heb m'n scriptie over jeugdliteratuur geschreven dus ik mag wel met enige autoriteit schrijven. Aheum. Nee hoor, negeer het gewoon. Want Marc De Bel hang ik bijvoorbeeld aan de bomen om niet meer vermeld te worden. Wie is trouwens Marc De Bel? En Thea Beckman wordt ook niet vernoemd. Over Harry Potter wil ik het ook niet hebben. U raadt het al: dit lijstje wordt zo snobistisch! En net daarom mag u het gerust negeren. Maar ik heb wel de Enid Blytons of Bliethons of Blaitons kostschoolreeksen gelezen: stationromannetjes voor de jeugd. Als je dat nu herleest merk je dat elk boek inwisselbaar is. Ja, ik heb dat zelfs herlezen. De Babysittersclub heb ik dan weer wel aan me laten voorbijgaan. Want dat gaat te ver.
Deze post wou ik persé schrijven omdat ik het over een van m'n favoriete en helaas bijna vergeten jeugdboek: De Mus Met De Lange Poten (in m'n kindertijd was het ook een televisieserie) wou hebben. Als u de moed hebt om deze lange post helemaal uit te lezen zal u merken dat ik in m'n enthousiasme over al die andere schrijvers er niet eens aan toekom om over dat boek te schrijven. Maar ik heb het toch maar vermeld.
Geen top zoveel omdat elk boek anders is.

Astrid Lindgren: weinig auteurs zijn zo leuk als haar. M'n scriptie ging dan ook voornamelijk over haar en Annie M.G. Schmidt. Astrid Lindgren is zo'n vrouw waarvoor ik veel bewondering heb, zo'n vrouw die altijd heeft gedaan wat ze wou. Ze komt uit een vrijgevochten gezin, net als in De Kinderen Van Bolderburen en compleet met die achtergrond groeide ze op: het boerderijleven met broertjes, zusjes en vriendjes. Ze is een fervente aanhanger van de anti-autoritaire opvoeding die werd uitgedacht in de negentiende eeuw en pas z'n intrede deed in de jaren '70 van vorige eeuw. Ze was er dus vroeg bij toen ze het over Pipi Langkous had. Ik ga m'n kinderen later ook anti-autoritair opvoeden omdat ik vind dat iedereen maar zichzelf moet worden. De enige keer dat ik ga protesteren is als m'n zoon op voetbal wil. Want dàn stuur ik hem op klassiek ballet. Tips van Astrid Lindgren: alles. Ook het minder bekende werk.


Annie M.G. Schmidt: evenals Astrid Lindgren ook een hoofdbrok in de sctriptie die ik schreef. Ze was minder vrijgevochten dan Astrid Lindgren maar ook wel. Ze komt uit een verstikkend milieu dat wordt beschreven als de rest van Nederland (niet in de Randstad dus) en heeft er jaren over gedaan om haar weg te vinden. En net daarom schreef ze over Jip en Janneke: vrijgevochten kindjes die met zachte hand geleid worden. Minder anti-autoritair dan Astrid Lindgren maar ook wel een beetje anti. Annie M.G. Schmidt is een woordkunstenaar, zij weet alles perfect te verwoorden. Tips van Annie M.G. Schmidt: alles, dus ook de gedichten: Dikkertje Dap, klom op de trap. 's Morgensvroeg om kwart over zeven om de giraf een klontje te geven. "Dag, giraf!" zei Dikkertje Dap. Enzoverder.


Roald Dahl: en dan zijn we bij het gouden trio dus: Astrid Lindgren, Annie M.G. Schmidt en Roald Dahl. Over het persoonlijke leven van Roald Dahl weet ik zo goed als weinig: buiten het feit dat hij piloot was en dan boeken ging schrijven. Ja, want elke piloot schrijft. Ik weet niet of u ooit over Antoine de Saint-Exupéry hebt gehoord, de man die De Kleine Prins schreef, een filosofisch kinderboek. Oòk piloot. Roald Dahl is gewoon keigoed en met z'n boeken kan je lachen. Is er ooit al es iets zo goed als Sjakie En De Chocoladefabriek geschreven? Zelden. Vele kinderen koesteren warme herinneringen aan De Oempa Loempa's (en nee, ik vertel niet wie dat zijn. Lees het boek maar. Of bekijk de films) en zoveel dingen die in het boek staan. En Matilda heb ik vast meer dan twintig keer gelezen. Als kind voelde ik me overigens een beetje verwant met haar omdat ik ook zo'n kind was die toen al praatte over dingen die niemand interessant vindt, ik ben gewoon een geek. Net als Matilda. Ronkende titels: De Fantastische Meneer Vos of wacht es, ook eigenlijk alles.


Veronica Hazelhoff: zij is de koningin van het puberboek. Toen ik zelf worstelde met onbeantwoorde liefdes, ik ga hier niet te diep op in want dan zou ik te ver afwijken (heerlijk smoesje), schreef zij hierover. Ik heb haar ontdekt in m'n kindertijd met boeken als Nou, Moe over een vrijgevochten kind. Met die kinderboeken ontwikkelde ik m'n voorliefde voor de Nederlandse taal en u mag dat gerust als Hollands lezen. Die boeken en Kinderen Voor Kinderen. Toen ik wat ouder werd ging ik haar psychologische jeugdboeken lezen en herlezen. Ik lees graag psychologische literatuur. Boeken waarin ze in het wezen des menses wroeten. Tips: ook haar boeken dus.


Guus Kuijer: staat net buiten het gouden trio maar ook hij is goud waard. Net als de dames Annie M.G. Schmidt en Astrid Lindgren was hij aanhanger van de anti-autoriteit want Guus Kuijer zat op een strenge kostschool, zo een waar Rick De Leeuw ook naartoe ging. Als je heel veel geld hebt moet je vooral je kinderen naar een strenge kostschool sturen om ze daar te verpesten. Oeps. Ja, maar zeg. Je leert daar wel discipline, wat heel goed is, en in het beste geval ook naastenliefde, juich ik toe, maar verder moet je daar in de rij lopen. Vooral niet te veel persoonlijkheid hebben en Guus is zo iemand met heel veel persoonlijkheid dus hij paste niet echt op die kostschool. En vanuit die ervaring ging hij boeken schrijven als Madelief. Ik heb de omnibus maar je mag hem niet lenen. Tips van Guus: ook weer alles dus.


Christine Nöstslinger: Oostenrijkse schrijfster en winnaar van een belangrijke prijs, al weet ik niet meer welke. Grapje. Winnaar van de Hans Christian Andersen prijs, zeg maar, de nobelprijs voor de jeugdliteratuur. Ook zij schrijft psychologische jeugdboeken over de puberteit en begrijpt een tiener. Alles dat ik van haar heb gelezen kan ik aanraden.

Geen foto wegens: onvindbaar in het Nederlands.

Joke van Leeuwen: door haar ben ik zelf beginnen schrijven. Ik las het verhaal van Het Verhaal Van Bobbel (een deel van de titel die heel lang is) en wist: ik wil ook schrijven! Ik vroeg een typemachine, kreeg een typemachine en schreef een verhaal dat een variant is op het Verhaal Van Bobbel. Joke van Leeuwen schrijft en illustreert zelf haar jeugdboeken, en doet dat zo goed als Thé Tjong-Khing. Joke van Leeuwen, het multitalent. Zij woont ondertussen in Antwerpen en ik vind dat best wel raar om in een stad te wonen waarin ook een van m'n idolen woont. Duik in de wereld van Joke van Leeuwen en lees gewoon alles van haar.


Miep Diekmann: Miep Diekmann doet me voornamelijk aan Hannes En Kaatje denken, alweer boeken die ik vele malen herlezen heb. Hannes En Kaatje is vooral leuk omdat de traditionele rollen hier worden omgekeerd: Hannes is een brave ietwat bedeesde jongen en Kaatje is zo stoer als maar wat. Erg leuk. Miep Diekmann heeft nog andere goede boeken geschreven maar Hannes En Kaatje is zo'n geweldige aanrader. Ondertussen ook uit in omnibus en voor iedereen aan te raden die graag wil lezen.


Anthony Horowitz: what's in a name en werkelijk: Anthony Horowitz schrijft thrillers. Eigenlijk kan je best wel zeggen dat hij de Stephen King is van de jeugdliteratuur al heb ik nog nooit een boek van King gelezen. Niet omwille van het snobisme ofzo. Gewoon, geen ervaring mee. Ondertussen is Horowitz zo bekend dat hij gerust een van de beroemdste jeugdschrijvers mag genoemd worden en zijn stijl is: spannend, humoristisch en vlot. Ik denk dat elk kind zijn boeken wel leuk zal vinden. Serieus. Tip: Anthony Horowitz (om niet weer alles te schrijven). Zelfs zij die niet graag lezen zullen er plezier aan hebben.


Ik ga deze post, die ondertussen heel lang is geworden, afsluiten met een paar klassieke auteurs en klassiekers in opsomming. Ze zijn oud maar nog steeds heel goed te lezen. Klassiekers zijn klassiekers om een reden:
Winnie De Poeh: prachtig geschreven. Winnie De Poeh heb ik ontdekt rond m'n twintigste, jawel. Via via ontdekt en die verhalen zijn zo betoverend dat ik een heel duur boek dat het verzameld werk is over Winnie rond m'n dertigste in een van de leukste boekhandels en kinderwinkels voor kinderen, De Olifant, heb gehaald.
Alleen Op De Wereld: ook ontdekt rond m'n twintigste en sindsdien ben ik verliefd op de naam Rémi. Omdat hij een van m'n favoriete boekenhelden is. Het klassieke verhaal is een van de mooiste ooit gelezen en ik vind het zo mooi dat ik het boek gratis weggaf aan iemand die graag leest. Inmiddels weer in m'n bezit. Dat moet, hoor.
Sprookjes en fabels van eender wie: waaronder beroemde sprookjes van Grimm, Andersen en fabels van De La Fontaine. Assepoester is trouwens niet van Grimm maar van Perrault. En de gebroeders Grimm waren gebroeders die sprookjes die van mens op mens werden verteld opschreven omdat ze aan taalonderzoek deden. Maar misschien hebt u de film gezien en vertel ik oud nieuws, eigenlijk heb ik de film zelf nooit gezien dus ik weet niet of het al dan niet om oud nieuws gaat. Ik vertel het gewoon.
Charles Dickens: hoe zou ik Charles Dickens niet kunnen vermelden? 19e eeuwse auteurs vind ik bijzonder prettig om te lezen omdat de roman toen nog niet zo heel lang bestond, twee eeuwen is kort in de geschiedenis, en het in de negentiende eeuw een soort van Gouden Romantijd beleefde. Heel slecht uitgedrukt. John Fowles is een twintigste eeuwse auteur voor volwassenen die in de traditie van de negentiende eeuw schrijft en het ook wel es heeft over Darwin enzo. Goeie auteur. Dickens is een instituut zoals Shakespeare. Charles Dickens en Shakespeare zijn de moeite. Ja, ik citeer Shakespeare soms. Jaha.
En een speciale vermelding voor Toon Tellegen: ik kon hem gerust bij de fabels vermelden maar ik heb gewoon iets met Toon. Zijn gedichten zijn zo mooi en zijn fabels zijn van het type geniaal. Alweer een woordkunstenaar.

Ik denk wel dat dit mijn favoriete jeugdauteurs zijn. Ik heb nog wel wat tips te geven maar deze post is nu al zo lang.



zaterdag 5 februari 2011

ik doenet gewoon

Ik ga morgen een Stefaniedag houden: een dagje met mij alleen. De voorbije weken, maanden, zeg maar anderhalf jaar, heb ik een hoop nieuwe interessante mensen leren kennen met wie je op elk vrij moment wilt afspreken om interessante dingen te doen maar eigenlijk ben ik iemand die graag Stefaniedagen houdt. Van tijd tot tijd (ik noem dat de batterie opladen) en ik heb al een jaar of anderhalf de batterie niet kunnen opladen. Ik kijk er nu al tegenop om morgen al m'n geplande afspraken af te zeggen maar een van mijn allerbeste vriendinnen zegt zo vaak: "Uiteindelijk, iedereen doet wat d'em wilt." (iedereen doet wat hij wilt) En ik knik dan en denk: je hebt gelijk maar ik laat me nog altijd te veel leiden om niemand zomaar effe teleur te willen stellen.
Morgen gaat Stefanie of Katie doen wat ze wilt. Een dagje voor mezelf om eindelijk es al die graphic novels te lezen die op m'n boekenkast lonken. Heb ik trouwens al reclame gemaakt voor Tse Tse? Stripwinkel in het Antwerpse. Tse Tse is zo goed dat ik vanuit een andere boekenwinkel dùrf te bellen om te vragen of ze die strip hebben die ik net heb ontdekt in die boekenwinkel dus. En het antwoord is vaak een volmondige: "Ja!". Maar ik was pas volledig om toen ze het bijna onvindbare I Love Paris/I Hate Paris tussen de planken hadden. En nu maak ik zelfs mee dat de meneer des huizes me erop attent maakt (als ik langs kom voor een of andere manga) dat een van de zoveel delen van een Japanse dekaloog die ik gretig lees (een dekaloog zijn er 10. Iets wat de Franse regisseur Kieswolski ons heeft geleerd) in de handel is. Tze Tze. De winkel is zoveel meer dan de naam. Toch maar es vragen hoe hij op die naam is gekomen.
Gisteren trouwens gehoord dat een lezer van het eerste uur, van m'n blog dus, nog steeds af en toe op deze site surft. Ik mag dat leuk vinden om te horen.
Ik ben nu al meer dan twee jaar aan het bloggen en elke keer vraag ik aan de kabouter op m'n schouder: "Waarover gaan we het nu weer hebben?" Na de discussie sluiten we een compromis en zeg dan: "Schrijf jij het maar wanteuhhh. Maar wel onder m'n naam." Katie en haar ene dwergje.