Eigenlijk bijna ‘onmogelijk’ om niets te schrijven over Michael, Michael Jackson na het zien van zijn biopic.
Ik behoor tot de Generation X’ers, de tweede helft ervan, de MTV-generation, de generatie die Michael Jackson, Prince, Madonna en Nirvana in hun volle gloriedagen meedraagt. Michael Jackson is mijn allereerste jeugdidool en ik kan hem niet anders herinneren dan, in mijn jeugd, als bigger than life itself. Hij leek cooler dan Superman, want, zo voelde hij aan, als een magische artiest die je steeds sprakeloos deed staan:
Beat It (de eerste muziekvideo die ik me écht herinner): dié voorheen ongeziene synchrone groepschoreografie
Dé Moonwalk, monden vielen open (die hij overigens aangeleerd kreeg van Jeffrey Daniel, sterdanser en -zanger bij Shalamar)
Thriller, die hele videoclip was een SENSATIE
En nadien, ook onvergetelijk, thé Lean in Smooth Criminal.
Het was telkens een Wa’s dà? Wat doet hij nu? Ah ja, he’s the King of Pop.
Ik mis hem nog steeds. Dat realiseerde ik me pas toen ik bij de aftiteling in een emotionele huilbui losbarstte. Het bracht me weer terug naar juni 2009, ik, totaal ontredderd door zijn overleden. 29 was ik en mijn jeugd was voorbij.
Pfff, I don’t give a *** wat de recensenten schrijven. Een ster, twee sterren uitdelen voor de Michael biopic voelt onrechtvaardig. Ik wil gaarne ontkrachten dat het om een hagiografie gaat, geen idee waar filmcritici het lef haalden dit zelfs maar te durven beweren. Allerminst is het een concertfilm. Wat de film wél deed, is meer inkijk geven in de psyche van een man die op jonge leeftijd door misbruik van zijn talent als wonderkind (we noemen de kat een kat) tot superstardom werd gekatapulteerd. Vele details kloppen maar worden verzacht (voor mij geen minpunt). Wat de critici wél perfect beoordeelden (een gevalletje van je kan er moeilijk naast kijken): de acteerprestaties blazen je omver.



