van veel wat

Hello!

Wees welkom op deze pagina. Hij is nog jong, hij is nog fris. Maar we gaan er keihard tegen aan! 


zaterdag 13 november 2010

something very special: the first 10 minutes of Prince

De opening. En dat was nog maar het begin van wat er komen zou. Toch wel knap dat een artiest op zo'n korte tijd (5 dagen voor het concert) het Sportpaleis zo vol krijgt. Dat mensen zich in honderdduizend bochten draaiden om hem toch maar te zien. En gelijk hadden ze!

Ik sta daar ergens bijna vooraan opzij, links, waar Shelby Johnson (de kale funky achtergrondzangeres) het meest komt. Natuurlijk ben ik niet echt te zien, tenzij mijn handen die meermaals de lucht in zwaaien. Toch machtig als ik bedenk dat ik zo'n fantastische ongelooflijke legendarische show heb meegemaakt van mìjn muzikaal idool. En ik ben niet de enige met deze mening: deze avond staat nu al geboekstaafd als belangrijk in het Belgische Sportpaleisgeschiedenis. Prince just did it!

De eerste 10 minuten van de party!

Daft Punk met N*E*R*D

Geen idee of ze het ooit op single zullen uitbrengen (of ondertussen al hebben gedaan). Gewoon een song om keihard van te genieten!


En nog wat nice muziek! Overigens schrok ik me rot toen ik George Clinton zag opduiken in een clip van Big Boi (de helft van het geniale hiphop duo OutKast. Andre 3000 en Big Boi). Wat doe jij daar, George? Niet dat ik geen respect heb voor Big Boi maar wat doe jij daar, George? Het nummer post ik niet want Big Boi heeft er vele betere. Om van George Clinton natuurlijk nog maar te zwijgen. Anyway, ik gun George Clinton best zijn plezier!
En overigens: waarom zie ik Rihanna's nieuwe single voortdurend opduiken als ik een video wil bekijken? Nee, ik wil Rihanna's nieuwe single niet horen, ik heb geen interesse. Agressieve reclame. Niet dat ik iets heb tegen Rihanna want ik vond haar best wel lief in het begin van haar carrière (heb nog haar S.O.S.-video bewerkt - met Shut Up and Let Me Go van The Ting Tings -, hij staat op YouTube en de ironie is dat ik hem zelf niet meer kan bekijken want Sony heeft hem geblokkeerd voor België. Een video die ik zelf heb gemaakt).

En dus nog wat goeie muziek. We love us some good music!



vrijdag 12 november 2010

when the music hits the fan

Aanvankelijk wou ik John Miles' Music posten als opener omdat het gewoon een prachtig nummer is. Het enige wat me ervan weerhield was dat Scala-achtige koor op de achtergrond bij een liveuitvoering. Dat ging erover. Niks tegen Scala, niks tegen koren maar bij een nummer als Music wordt het al snel kitsch. Geen camp, kitsch. Andere opener dus en zeker zo goed: Ella, Eélla! ("What's the next chorus to this song now? This is the one now, I don't know!" Marvellous. En de Louis Armstrong imitatie. Marvellous)


Bij het bekijken van een live optreden van Funkadelics One Nation Under A Groove werd ik even emotioneel. Omdat ik het simpelweg thàt good vind. En tegelijkertijd vroeg ik me af waarom sommige mensen zo fanatiek kunnen zijn als het op muziek aankomt en het anderen gewoon koud laat. Eergisteren sprak ik met een andere Princefan en we moesten allebei toegeven dat we ooit tranen met tuiten hebben gehuild bij z'n optreden. Ook zij is een fanatieke muziekfreak maar in het algemeen zie je die eigenschap eerder bij mannen opduiken, dat overweldigende muziekliefhebberij. Ze nodigen je uit en dan moet je naar dit luisteren en dan weer naar dat. Of blijf effe want ik wil dat nog opzetten. Iedereen kent wel zo iemand. Ik ben ook zo.
Iedereen kent wel zo iemand maar de meeste mensen zijn anders, gaan gewoon gezellig praten op een etentje in plaats van de gasten lastig te vallen met wat ze beslist moeten horen. Doch, als muziekliefhebber heb je niet eens door hoe asociaal dat eigenlijk is want jijzelf apprecieert het net als anderen dat ook doen want je bestaan is een voortdurende zoektocht naar goede muziek en al wat je daar bij kan helpen is goed. Als je bij iemand op bezoek komt duik je meteen in z'n of haar muziekcollectie en knikt goedkeurend als er iets is dat je aanstaat (ik duik in de boeken-, muziek- en filmcollectie. "Mag ik even naar uw boeken kijken?" Het ware windowshoppen want overkopen doe je niet.)


Eigenlijk begrijp ik niet dat voor sommigen muziek niet zo belangrijk is, dat ze je vragen (net als een song tot een hoogtepunt komt) om de muziek wat zachter te zetten want ze willen net iets vertellen. Ik kan me niet anders herinneren dan dat ik helemaal opging in muziek, meestal had ik op school een bondgenoot (één bondgenoot!) en anderen kloegen dan: "Jullie kunnen alleen maar over muziek praten."of "Praten jullie alweer over muziek?". Best gewoon negeren en "So what?" denken. Ieder dier zijn plezier, respect voor iedereen.
Muziekliefhebberij is een schone zaak maar het mag je ook niet te ver drijven, zoals sommigen zich niet kunnen voorstellen dat ze iemand daten met een (pas op, kijk uit!) andere muzieksmaak. Vind ik behoorlijk ver gaan. Het idee dat muziek iets zegt over je persoonlijkheid lijkt me niet echt accuraat, over je intelligentie is een andere discussie maar met je persoon of hoe je in het leven staat heeft het niks te maken. Ik luister bijvoorbeeld naar N.W.A. 'k Denk niet dat het iets over mij zegt. Bovendien kijkt een echte muziekliefhebber verder dan genres, logisch want je zou maar al te veel missen omwille van een soort onnodig snobisme (rockism, ik heb het nu over u!). Je bent immers op zoek naar goede muziek, welk genre dat dan ook moge zijn. Een van de mooiste ervaringen in die zoektocht is, als je 't eenmaal hebt gevonden. Je zoekt, je zoekt en dan, dan ontdek je iets waarbij het plaatje klopt, dat helemaal jouw muziek is. Ik heb het gevonden bij Prince en Parliament/Funkadelic. Maar ook al heb je 't gevonden, de zoektocht stopt niet, d'r is altijd wel iets fantastisch te vinden dat je nog niet hebt ontdekt.


Prince, het andere verhaal



Over Prince schrijven is zòò moeilijk. Sure, je kan een boek vol over z'n muziek schrijven, over z'n idolen, z'n invloeden maar iets over de mens achter de muziek schrijven vergt een inspanning. En serieus wat opzoekingswerk. Prince is namelijk een van de meest mysterieuze artiesten out there die zelden een interview geeft. En àls hij het dan toch doet gaat het of over z'n nieuwe plaat of over z'n idolen. Prince kan blijven doorgaan, waarschijnlijk lange monologen afsteken over z'n muzikale idolen maar als hij over zichzelf moet praten klapt hij dicht. "I communicate through my music." En zo is het. In z'n lyrics geeft hij alles bloot over zichzelf, meer dan de gemiddelde andere artiest die het enkel over 'Baby, you're the one I love' heeft. "I communicate through my music." en in interviews is het: "Next question."
Omdat Prince een van de meest terughoudende, afstandelijke artiesten is off stage wordt hij vaak bestempeld als arrogant, iemand die het zo hoog in de bol heeft dat hij weigert met anderen te praten of nog erger: een naar mannetje is. Toen hij weigerde mee te zingen op 'We Are The World' (maar wel in de plaats daarvan een knappe song schreef die hij weggaf om op die album te staan) kreeg hij bakken kritiek over zich. De reden die hij aangaf, namelijk dat hij zou dichtklappen tussen al die andere muzikanten werd afgedaan als onzin. Want dat Prince, die artiest die op het podium in z'n ondergoed krols licht te dansen extreem verlegen zou zijn, dat kon gewoon niet waar zijn. Als je vroege interviews van hem bekijkt waarin hij bijna louter met "Ja." en "Nee." antwoordt komt dat ook weer terug: dat "Wat is Prince toch een arrogante, nare zanger!", niemand gelooft dat hij gewoon verlegen is. En toch is het zo.


Als je Prince ziet optreden of in videoclips ziet zingen zingen en dansen zou je denken dat hij gemakkelijk the coolest guy in highschool was. Op parties in het middelpunt van de belangstelling stond met z'n sexy moves en alle meiden hem wilden daten omdat hij zo'n smooth talker is. De waarheid is het tegenovergestelde. Prince werd gepest en niet zomaar een beetje. Al op jonge leeftijd werd hij dagelijks gepest, getreiterd om zowat alles: z'n lengte, z'n uiterlijk, z'n naam, z'n afkomst, het feit dat hij er niet echt 'mannelijk' uitzag. Z'n zus vertelde dat de 'grote' jongens hem dagelijks stonden op te wachten om hem te treiteren en dat hij nog het meeste leed onder de pesterijen tijdens de basketbaltraining (ja, Prince was een goede basketter). Z'n schoolgenoten waren wreed en riepen de afschuwelijkste namen naar hem. Hierdoor trok hij zich in zichzelf terug en sloot zich meer en meer op in een wereld van muziek. Mensen die hem nog kennen uit z'n jeugdjaren zeggen allemaal dat hij 'extremely quiet' was, 'extremely shy', nooit veel zei. Hij was bijzonder onpopulair op school en het is pas nadat men ontdekte dat hij een bijzonder muzikaal talent had dat de pesterijen ophielden: like 'This guy can do something."


Over Prince is bekend dat hij niet veel vrienden heeft. En dat is ook nooit zo geweest. Op school hing hij er maar wat bij en werd hoe langer hoe meer een loner. Onder de middag speelde hij muziek in z'n eentje en in z'n vrije tijd ging hij alleen naar de bioscoop. Als hij al naar een feestje ging stond hij de hele avond aan de zijlijn toe te kijken hoe de anderen dansten. Je kan het bijna niet voorstellen van zo'n flamboyante performer maar ooggetuigen uit z'n verleden zijn het daar unaniem over eens: Prince was toen absoluut niet cool. Maar hij wou wel cool zijn, zat al snel in een bandje en werd berucht als de getalenteerde jukebox (omdat hij vrijwel iedereen kon immiteren) uit Minneapolis. Nog een anekdote die z'n extreme verlegenheid beschrijft: toen hij z'n eerste demo opnam deed hij de zangpartijen in het donker omdat hij zo schuchter was z'n stem te laten horen (daarvoor was Prince voornamelijk de gitarist van de band). Bijna onmogelijk om je dat voor te stellen: Prince, de geniale zanger, bang om z'n stem te laten horen. En toen hij probeerde een platencontract te krijgen waren het anderen die voor hem het woord moesten doen zodat hij achteraf alleen maar met "Ja." en "Nee." diende te antwoorden.


Met het ouder worden merk je wel dat hij losser is geworden, meer over zichzelf vertelt. Eind jaren '80 werd hij door een kennis nog altijd beschreven als "extremely quiet." maar als je een huidig interview van hem bekijkt zie je dat hij niet meer zo bang is om met mensen te praten. En eigenlijk, eigenlijk vind ik dat best fascinerend. Prince is een van de meest genereuze artiesten: z'n debuut heette niks voor niks 'For You' en hij zegt zelf altijd dat z'n muziek voor anderen is: hij is er om ons in alle puurheid te plezieren. Hij is dus zo genereus, op het podium leeft hij zich enorm uit (en nu kan ik ook begrijpen waarom hij zoveel bisrondes doet) en toch is hij aardig mensenschuw. Ik denk niet dat ik overdrijf als ik stel dat Prince off stage introverter en on stage extraverter is dan Michael Jackson ooit is geweest, tenslotte dierf Michael wél mee te zingen in de We Are The World groep. Maar we mogen het Prince niet kwalijk nemen want hij schreef een dijk van een song voor dat project. En het feit dat hij via z'n muziek communiceert maakt dat z'n lyrics heel menselijk, heel herkenbaar zijn. Liever dat dan een artiest die een eind ligt te lullen en zich interessant ligt te maken in interviews maar waarvan de songs totaal nietszeggend zijn. Ik heb het nu over niemand specifiek.
Prince is dus allesbehalve een nare arrogante vent die zich te goed zou voelen om z'n mond open te doen, hij is gewoon extreem verlegen. Maar laat me gewoon wat met hem praten. Es zien of hij dan nog verlegen is.



donderdag 11 november 2010

the many brides of dr. Funkenstein

Omdat ik nog in een Funkmood ben wil ik het hebben over de Funk family, de Funkdynastie. decennialang door velen bewonderd en beluisterd. Niet dat er zoiets bestaat als een échte Funkfamily, de family Funk, een idee als ik m'n achternaam ooit zou moeten veranderen omwille van een undercoveroperatie (ik fantaseer al schrijvende): "Boogie Funk. And you're name is?" The Boogie is back again and this is my song:


Nee, er is niet zoiets als een Funk family maar wel een Funk connection. Tenminste, zo zie ìk het toch: Funkartiesten die op de een of andere manier sterk met elkaar verweven zijn zoals bijvoorbeeld Frank Zappa met Captain Beefheart verweven is. Samen spelen enzo.
De Funkconnectie bestaat misschien niet toevallig uit de grootste, belangrijkste en meest innovatieve funkartiesten: James Brown, Sly & The Family Stone, de P-Funk family (Parliament en Funkadelic met George Clinton) en Prince. En natuurlijk moet je al die artiesten erbij tellen die uit die groepen voortkwamen en later solo gingen zoals Maceo Parker, Bootsy Collins enzovoort.


Laten we beginnen met de eerste en duidelijkste link: James Brown en de P-Funkgroepen van George Clinton. James Brown, de uitvinder van de Funk (het accent ging in plaats van op de tweede of vierde tel op de eerste tel van de maat liggen: 'on the one') had de reputatie zijn begeleidingsband militair strak te houden: wie fout zat moest een boete betalen. Een aanmoedigingsafstraffing. Hierdoor verwierf hij een uiterst sterke, getalenteerde band achter zich waarvan de meest bekende bandleden Maceo Parker, Bootsy Collins, Fred Wesley, Lyn Collins en Bobby Byrd zijn. 3 van z'n bandleden: Maceo Parker, Bootsy Collins en Fred Wesley stapten later over naar de P-Funkgroepen en bepaalden zo mee de sound van dat nieuwe genre. George Clinton had het zonder hen niet kunnen doen. De eerste link dus: James Brown en P-Funk.


De tweede link: Sly & The Family Stone en P-Funk. James Brown vond de Funk uit en Sly Stone vulde het aan met Rock, Soul en Psychedelia. Sly Stone is net als James Brown een sleutelfiguur in het Funkverhaal en z'n bassist Larry Graham met z'n vernieuwende 'slapping'-techniek is zowat even belangrijk. Toen het even minder ging met z'n band omdat Sly een joekel van een drugsprobleem had trok George Clinton hem aan om mee te werken aan de Funkadelicplaat 'The Electric Spanking Of War Babies.' Sly and George. En da's dan weer de tweede link.


De derde link, de man die het allemaal bij elkaar bracht, one man and his name is Prince. And you know, he's funky. Zelf ook een absolute grootheid in de musicbizz en eveneens een sleutelfiguur in het funkgenre staat Prince erom bekend z'n idolen diensten te verschaffen: hij bracht George Clinton onder z'n eigen record label en werkte met hem samen op Graffiti Bridge, Maceo Parker zat een tijd in z'n begeleidingsband net als Larry Graham (ze speelden o.m. samen op Werchter). Prince die James Brown en Sly & The Family Stone en P-Funk onder een hoedje bracht. En dat is dus de derde link. En dit is dus de Funkconnectie.