van veel wat

Hello!

Wees welkom op deze pagina. Hij is nog jong, hij is nog fris. Maar we gaan er keihard tegen aan! 


dinsdag 25 juni 2024

Een droevig mooi koestermoment

 


Er zijn van die momenten die je dag naar een hoger niveau tillen, van die momenten die warm aanvoelen, ook al komen ze uit droevenis. Vandaag had ik zo’n moment. 

Een maatje die ik al meer dan een decennium zo ontzettend graag zie, heeft een ziekte die je je ergste vijand niet toewenst: ALS. Het is een maatje uit de duizenden en dat wist ik lang voor hij die diagnose kreeg.  Ik kon alleen maar met lovende woorden over hem spreken en was telkens zo blij hem te zien dat m’n ogen ervan oplichtten. Hij, een ander vrouwelijk maatje van me en ik, we vormden met z’n drieën een eenheid die niet doorbroken kon worden, ik zou ervoor ‘vechten’. Dan kwam ALS. 

Het prachtige onvergetelijke moment vandaag: toevallig zei ik vorige week (laten we haar Asmae noemen): “Ik heb Asmae al heel lang niet meer gezien. Ik mis haar wel.” Vandaag kwam ik haar sinds lang weer tegen. We zetten ons even privé in een ruimte achterin en al heel snel kwamen haar spontane tranen, letterlijk opwellen. Tranen van verdriet omwille van mijn maatje uit de duizenden. Ik krijg geregeld van anderen te horen hoezeer ze met hem inzitten, regelmatig aan hem denken en ergens doet me dat deugd: hij is zo ontzettend geliefd. Echt. 

Toen ik haar vertelde dat hij kort na z’n diagnose meegaf niet eens boos te zijn, was haar antwoord: “Hij is een mooi persoon.” Dat is waar, en een die met de jaren alsmaar prachtiger werd, die me kon ontroeren met zijn goede inborst. 
Asmae en ik hebben vandaag samen gehuild. Het raakte me om dit verdriet om zo iemand zo prachtig als mijn maatje zo intens te mogen delen. 





donderdag 20 juni 2024

Orka’s, m’n honderdduizendste fascinatie

 Sinds kort ben ik helemaal in de ban van orka’s, ik zal je vertellen waarom. In een wetenschappelijk artikel las ik dat wetenschappers de intelligentie van dieren probeerden in te schatten aan de hand van de neuren in de cortex, de hersenschors. De enige diersoort met nog veel meer neuronen in dit gebied zijn de orka’s. Natuurlijk is er meer voor nodig om aan te nemen dat orka’s slimmer zouden zijn dan mensen, maar ik doe het toch. Wat me verder ook opviel is dat vooral walvis- en dolfijnachtigen bovenaan staan, en eigenlijk is dat niet zo vreemd als je bedenkt dat ze weer naar het water keerden. Dat was best slim van hen: de reden dat deze vroegere landdieren weer het water in zwommen is logisch: meer voedsel. Daar dachten wij effe niet aan. 
De mensheid wilt zich vaak zo superieur voordoen, alsof wij de intelligentste zijn. Ik weet dat zo niet, hoor. Verder heb ik niet altijd een hoge pet op van ons: waarom doen wij elkaar de duvel aan? Kunnen we niet gewoon aardig zijn tegen elkaar? Al dat geroddel, dat gemene gedrag, dat (stiekem) onderuithalen, dat (ruzie) stoken, dat liegen. BAH. En ik kan nog zoveel tegen mezelf en anderen zeggen: “Dat zijn gewoon echt zielige, gefrustreerde, soms jaloerse, onzekere personen die de zieke, laffe behoefte hebben zich beter te voelen door jou onderuit te halen. Dus trek het je geen bal aan want zij zijn het probleem.” maar toch, ik kan dit soort gedrag moeilijk ok vinden. Hopelijk zijn orka’s niet zo. 

Orka’s hebben een taal, zelfs dialecten, ze leven in kuddes met een eigen cultuur, aan het hoofd van die kudde staat de grootmoeder als een oude wijze dame. Orka’s zijn een van de weinige diersoorten die beseffen dat ieder individu z’n eigenheid heeft, hopelijk respecteren ze dat meer dan wij doen, want wij doen niet altijd: uit onwil of gewoon pure domheid. Ik lijk nu een misantroop maar dat is niet: ik ken genoeg personen met een zuivere ziel. Zo is er bijvoorbeeld die dierbare maat van me die zo zo zo lief is maar pijnlijk genoeg ALS-patiënt is. Omarm de mensen die het goed met je voorhebben. 
En ik ga nu verder over orka’s lezen. 

 


woensdag 19 juni 2024

Een poëtische uitdaging



A challenge, een uitdaging. Onlangs had ik er een: poëzie schrijven met volwassen anderstaligen. Dit was geen opgelegde opdracht, het idee kwam, twee maanden terug, volledig van m’n overmoedige - niet echt doordachte - zelve. Volstrekt ondoordacht en overmoedig: het is niet omdat ik literatuur heb gestudeerd en in m’n tienerjaren knullige gedichten schreef dat ik zomaar iemand kan begeleiden in het schrijven van poëzie. Het idee alleen al is eigenlijk lachwekkend. Ik schrijf zelf niet eens gedichten meer. 
Ook gaat het niet over een groep leerlingen die zich enthousiast hadden ingeschreven voor een cursus ‘Creatief Schrijven’. Hun doel is Nederlands leren, op poëzie zaten ze niet te wachten. En volwassenen zijn vaak eerder ‘vastgeroest’, die denken al snel dat ze wel weten wat ze kunnen. 

Het bleek een challenge. Een proces waarin ik me heb moeten inlezen in hoe je dit het best aanbrengt, hen zachtjes vertrouwen in eigen kunnen heb moeten aanpraten (ook kweken). 
Het idee werd aanvankelijk niet met open armen ontvangen. Heel begrijpelijk. Want voor hen was die challenge nog veel groter dan die voor mij: begin er maar es aan, in een taal die je niet volledig machtig bent te dichten als dit voor moedertaalsprekers al verre van vanzelfsprekend is. 

De weg ernaartoe was mooi, het resultaat nog veel mooier: er zijn werkelijk pràchtige gedichten geschreven. 

We hielden vandaag een poëzie-expositie. Die teksten kunstzinnig tentoongesteld. Van twee collega’s met een bovengemiddelde interesse voor literatuur kregen we bezoek, ze waren onder de indruk. Een grote hoed af voor mijn leerlingen dus, en een klein hoedje af voor mezelf. We zijn samen die uitdaging helemaal, helemaal aangegaan. 







zaterdag 25 mei 2024

chasing beauty

 

Met verbijstering keek ik naar het tweede seizoen van Chasing Beauty, de docuserie over plastische chirurgie op Streamz. Ik heb niks tegen plastische chirurgie, sterker nog: als tiener zei ik zelf dat ik iets aan m’n neus zou doen. Én ik heb iets aan m’n neus laten doen: een soort onuitspreekbare pukkel laten wegnemen toen ik zeventien was ofzo. Niks tegen plastische chirurgie dus. Wat ik wél verschrikkelijk vind zijn volgende twee zaken: 

Al die celebrities met hun bewerkte lichamen in bewerkte foto’s die roepen dat ze hélémaal puur natuur zijn. “Een regime van veel water, sporten, gezonde voeding, demaquillage, voldoende nachtrust en vooràl: veel confidence.” Dat kàn, als je Cindy Crawford heet en je nog geen veertig bent. 
Érger nog zijn diegenen die beweren helemaal geen regime te volgen en al moe beweren te worden als ze alleen maar sportschoenen zien. Ga es weg, man, ga es lekker weg. Vooral dàt kan je na je 40e niet meer beweren. Van mij hoeft niemand meteen een persconferentie te houden na de minimaalste ingreep maar zeg dan gewoon niets. 
Ja, ik weet heel goed hoe onzekerheid bij het aanschouwen van zogenaamde perfecte lichamen er kan inhakken: welgeteld drie dagen lang liep ik onlangs onzeker rond toen dagenlang een 27 jarige dansende Jennifer Grey (Dirty Dancing) aldoor bleef opduiken in video’s waar ik niet om gevraagd had.

Ik wil hem hier best tonen: al was het maar om mezelf uit te lachen met m’n toenmalige kortstondige jaloezie op een 27 jarige Hollywoodster. 



Het tweede punt, eigenlijk veel erger: die schaarse - in mijn ogen - onethische plastische chirurgen: in de reportage zag je duidelijk iemand met morfodysforie (ingebeelde lelijkheid). Ja, die werd dus ook gewoon geholpen aan haar tigste ingreep, met gevaar voor gezondheid nog aan toe. Waar ben je dan mee bezig als arts, geneesheer? Stuur hen naar een psycholoog, alsjeblieft. 
Morfodysforie is een ernstige psychische aandoening die veelal het gevolg is van jeugdtrauma’s, Michael Jackson is er het bekendste voorbeeld van. Hij veranderde aldoor z’n uiterlijk omdat hij ten eerste niet op z’n tirannieke vader wou lijken en ten tweede, hij door diezelfde man z’n jeugd lang gepest werd met z’n neus (en neen, Michael Jackson wou niet blank zijn, hij leed aan vitilogie. Da’s heus geen fabel). Die mensen verdienen het om op een betere manier behandeld te worden. 

Er is niks mis mee schoonheid bij jezelf en anderen na te jagen. Maar probeer het alleszins op een ‘schone’ manier. En daar is alles mee gezegd. 

(Y’all know, but still. 😆  Ik kon weinig foto’s, video’s vinden die dit onderwerp op een leuke manier treffen) 




dinsdag 21 mei 2024

de geneugte van mijn films meermaals te bekijken, ofte 2001



Ik begrijp het niet, echt niet, waarom sommigen een weerstand voelen om boeken, films, series opnieuw en opnieuw en opnieuw te lezen, herbekijken, alleen uitgaande van het idee: ‘Ik ken het nu wel’. 
Al van kinds af aan verslond ik bijna al m’n jeugdboeken zo’n twintig keer, ontleende ik drie keer hetzelfde boek uit de bibliotheek en zodra ik over mijn eigen video-/dvd-recorder beschikte, begon ik aan het (soms ziekelijke) herbekijken van films. Bij elke nieuwe zit werd het vaak beter, ontdekte ik nieuwe elementen. In een interview bekende Geena Davies dat ze samen met haar toenmalige partner, Jeff Goldblum, Beetlejuice (Tim Burton) wel 27 keer had gezien. Ik begrijp dat. 

Veel films verdienen (minstens) een tweede zit. Je kan de eerste keer overdonderd zijn, de film de hemel in prijzen en een tweede keer merk je dat je het eigenlijk toch maar helemaal niks vindt. Het zelfs gratuit lijkt. Je laat hem vervolgens jarenlang rusten, geeft het opnieuw een kans en de derde keer weet je alweer waarom je de eerste keer zo in de wolken was. Film blijft een wisselwerking tussen je gevoel, cinematografische elementen, een verhaal, acteerprestaties etc. 

Mijn favoriete film is 2001: A Space Odyssey van Stanley Kubrick. Op m’n studiootje in Gent zag ik hem als pril studentje voor de eerste keer. Ik was achttien. Fascinerend maar vooral weird, was m’n eerste gedachte. Niet veel later zag ik hem opnieuw en besefte iets bijzonders te hebben meegemaakt. Tussen m’n 18e en 24e zag ik 2001 zo vaak dat ik hem haast kon dromen.